Beeldhouwer Frans Kokshoorn woonde zijn leven lang in Voorburg. Het meest bekend zijn waarschijnlijk zijn beelden ‘Singing in the Rain’, onder meer op de Prins Bernardlaan. Maar van zijn talrijke kunstwerken is er een ware ‘Kokshoorn-kunstroute’ door Voorburg te maken. Ook de Oude Kerk herbergt veel werken van zijn talentvolle hand.

Zijn vader was een Voorburgse aannemer en het ouderlijk huis van Frans Kokshoorn stond in de Sophiastraat. Aanvankelijk werkte hij als bouwkundig tekenaar bij een architectenbureau. Hij wilde echter meer doen met zijn creatief vermogen, dus volgde hij de Vrije Academie en de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten in Den Haag. Daarna stortte hij zich helemaal op het beeldhouwen en vestigde hij zich als vrij kunstenaar in de Kerkstraat. En daar is Voorburg hem dankbaar voor.

Driemaal ‘Singing in The Rain’
Want Frans laat veel moois na. Met als onderwerpen: de mens, huizen en steden. In zijn menselijke figuren gaf Frans de anonimiteit weer door de hoofden te vervangen door andere vormen. Zoals de bekende humoristische parapluutjes, bij de fiets-beelden. Humor was sowieso een belangrijke factor voor de beeldhouwer. Van ‘Singing in The Rain’ maakte de kunstenaar overigens drie varianten; de eerste staat in Den Haag, de tweede in Voorburg en de derde staat in de Amerikaanse (voormalige) zusterstad van Voorburg: Temecula – geschonken door de gemeente Voorburg.

Internationale bekendheid
Soms had Frans geen vooropgesteld plan, zoals bij de bronzen huizen en steden. Dan ging het om structuur en vorm. Zijn veelzijdigheid uitte zich ook in de materiaalkeuze: steen, hout en brons of een combinatie ervan. Zo maakte hij ‘De Mantel’ van brons, op de Klaverweide, en ‘De Dorpswachter’ – zittend op een sokkel in de Franse Kerkstraat. ‘De Vergadering’ vindt nog altijd plaats op de Herenstraat en het monument dat herinnert aan het ‘vergis’-bombardement op het Bezuidenhout, staat op de begraafplaats aan de Parkweg.

De kunst van Frans Kokshoorn ging zelfs de grens over, waardoor ook buitenlandse particulieren en bedrijven zijn kunst bezitten.

Samenwerking
Samenwerken en exposeren met andere kunstenaars was voor Frans belangrijk. Bijvoorbeeld met de glaskunstenaar Ming Hou Chen. Bekend is zijn installatie ‘Bevroren Theater’ dat hij zowel in Voorburg als in Drenthe exposeerde, als onderdeel van de Beeldenroute ‘Kunst in de Stal’.

In de Oude- of Martinikerk zijn veel bronzen kunstwerken van zijn hand te vinden, en ook hier komt de samenwerking met Ming Hou Chen terug; de avondmaalstafel, de menora – een zevenarmige kandelaar, en de doopbekkenhouder. Deze staat op drie poten, die uitmonden in zes symbolisch open gespreide handen, waarop tijdens doopdiensten een zilveren doopschaal uit 1723 ligt. Daarbij hoort de bronzen paaskaarskandelaar, voorzien van symbolen zoals de vis, het lam, de korenaar en de kroon. Samen met Ming heeft Frans de laatste maanden bovendien gewerkt aan een kunstwerk dat zal worden geplaatst in Westfield, Mall of the Netherlands, in opdracht van de Raad van Kerken.

Leraar en vriend
Frans was gul van geest en deelde zijn kunst ook tot heel wording van de medemens. Hij zette zijn gaven in als creatief therapeut op de psychiatrische afdeling van het ziekenhuis en als leraar. Hij had vele leerlingen die hij op zo’n manier begeleidde dat het beste in hen naar bovenkwam. Dat bevorderde de onderlinge band en Frans werd daarin leraar en vriend. Verder zette hij zich in voor de gemeentelijke kunstcommissie en organiseerde hij exposities. Bovendien was hij voorzitter van de Stichting ‘Vrienden van het Carillon’ van de Oude Kerk. Het carillon wordt vrijdag 9 april speciaal voor hem bespeeld. 

Laatste rustplek
Frans’ atelier – tevens galerie – aan de Kerkstraat was de plek waar hij zich het meest thuis voelde en waar hij tot het laatst zijn ideeën vormgaf. Vrijdag zullen collega-kunstenaars hem daar uitdragen naar de kerk, waar een besloten dienst is. Daarna wordt hij te ruste gelegd op de begraafplaats aan de Parkweg.

In zijn zoon en zijn werk leeft Frans bij ons voort.

Foto: Wim Bannink